[:nl]Door Chris Verplancke

 

Geachte dames en heren, bierliefhebbers, brouwers, horeca-ondernemers, vrienden en overige gasten.

 

Welkom bij de OPENING van de tweede editie van het L.I.B. Bierfestival!

In de Middeleeuwen, rond 1500, behoorde Leiden niet tot de drie grote biersteden van het graafschap Holland. Dat waren Haarlem met 100 brouwerijen, Gouda met 150 brouwers en vooral Delft met 200 brouwerijen!

In Leiden draaide het vooral om de lakenhandel, maar toch zorgden zo’n 20 brouwerijen in de stad voor 65 % van de lokale bierconsumptie; de rest van het benodigde bier kwam uit Delft. Extra lekker ‘speciaal bier’ werd geïmporteerd uit Noord-Duitsland.

Dat er veel bier gedronken werd, kwam – zoals u weet – omdat bier toen veel veiliger was dan water. Bier wordt verhit tijden het productieproces en samen met de ontstane alcohol zorgde dat ervoor, dat bierdrinken veel gezonder was dan het water uit de putten, om maar te zwijgen van het water in de grachten. In Leiden was het grachtenwater door de lakenhandel ernstig vervuild.

In Leiden werd goed verdiend aan bier, ook door de stad. Van alle stedelijke belastingen was 70 % afkomstig uit accijnzen op bier! Zonder de horeca kon en kan een stad niet rondkomen…

Vandaag zijn we weer samen in de Stadsgehoorzaal. En u zou het niet zeggen, maar we staan hier op de grond van het voormalige Catharina gasthuis, dat in 1275 gesticht werd voor de opvang van armen, daklozen en zieken. Dit gasthuis beschikte zelf al over een brouwerij en dus over zijn eigen bier.

Als we dat als startpunt nemen en van daaruit opklimmen in de tijd, dan zien we dat er in Leiden door de eeuwen heen vele ‘bierige plekken’ zijn geweest en dat daar nog steeds veel van terug is te zien in onze prachtige stad.

Het Sint Stevenshofje op de Haarlemmerstraat werd al in 1487 gesticht door een rijke Leidse brouwer: Willem Aerntszoon van Tetrode en zijn vrouw Christina. De huisjes op het hofje waren bestemd voor arme alleenstaande mannen die zich netjes gedroegen; soms was ook een arm echtpaar welkom.

Vaak herinneren alleen namen nog aan onze biergeschiedenis:  de ‘Pauwbrug’ verwijst sinds de zeventiende eeuw naar brouwerij ‘De Pauw’, en op de plaats van de Hartebrugkerk was tot 1760 een brouwerij gevestigd met de naam ‘Het witte hart’.

Ook waar straks de nieuwe Zara zal verrijzen, stond vroeger een brouwerij, ene goede gerrit wist daar alles van.

De laatste brouwerij in Leiden, de ‘Leidsche stoom- Bierbrouwerij De Posthoorn’, was gevestigd aan de Oude Vest en sloot bijna honderd jaar geleden (in 1918) haar deuren.

In de 20ste eeuw heeft de grootste biermagnaat van Nederland onze Leidse brouwers- cultuur beschermd vanuit Zoeterwoude. Niemand minder dan Freddy Heineken betaalde in 1977 voor het grootste deel de restauratie van de originele Leidse Brouwersgilde kamer die nu gehuisvest is in de Lakenhal, ons prachtige stedelijke museum. In café ‘De Vergulde Kruik’ werd in 19 ?? de ster ontworpen die wereldwijd het kenmerk werd Heinekens bier.

In de jaren tachtig en negentig werd er in Leiden weer voor het eerst voorzichtig naar speciaal bier gekeken. Uit die tijd stammen het eenmalig gelanceerde ‘Leidsch Lakenbier’ als ook het ‘Leids peipie’.

ik kwam het eerste cafe met een echt eigen huisbier, ook kwamen er een paar andere cafe’s in Leiden voor het eerst met “echt” Belgisch Speciaalbier.

Het kon niet uitblijven en in 2004 werd in Leiden weer voor het eerst bier gebrouwen. Onder de bezielende leiding van Jan-Willem Fukkink, die als missie had om Leiden een eigen bier te schenken, werd een solide bedrijf opgebouwd met mooie producten, kort en krachtig  ‘Leidsch Bier’ geheten. In 2011 werd een eigen bedrijfspand betrokken en daarmee was een echte brouwerij in Leiden een schuimend feit! Ondertussen mogen we wel zeggen dat Fukkink de “Brouw oudste” is van de Leidse Brouwers.

Niet lang daarna volgden het Stadsbrouwhuis  en Brouwerij Pronck. Het Stadsbrouwhuis werd de eerste brew pub die Leiden kent en de eerste brouwerij die weer echt tussen de Leidse singels brouwt. Toen Leiden het wereldnieuws haalde met de komst van een Tyrannosaurus Rex werd dat gevierd met een speciaal T-REX-biertje.

In hetzelfde jaar, 2014, werd Brouwerij Pronck  opgericht door vier vrienden die brouwen wel leuk vonden. Het is inmiddels een beetje uit de hand gelopen, maar wel op de goede manier. Pronck is inmiddels een professionele brouwerij geworden die uitermate succesvolle en smaakvolle bieren maakt.

Als laatste kwam daar afgelopen jaar brouwerij Oroboros bij, die bier op ecologische wijze brouwt bij de Lammenschans: opnieuw een aanwinst voor Leiden als stad van bier.

Brouwerij GUNST uit 2016 ???

Deze vier Leidse brouwerijen – Leidsch Bier, het Stadsbrouwhuis, Pronck en Oroboros – zijn naast onze hoofdsponsor Bitburger hier alle aanwezig om vandaag en morgen uw dorst te lessen

Kortom, sinds het begin van de 21ste eeuw zijn er weer brouwers in Leiden te vinden, worden er lentebok- en herfstbok-wandelingen georganiseerd, een zomer biervaart gehouden en wat al niet meer. Ook het Stevensgilde dat in 1461 gesticht werd door en voor bierbrouwers, werd in 2015  door enkele jonge Leidse brouwers nieuw leven ingeblazen! Net als rond 1500 zijn daar nu zo’n twintig brouwers in verenigd.

De naam van ons festival heeft uiteraard ook iets met onze stad te maken.

“Leven in de Brouwerij brengen” is een gezegde dat de meesten onder jullie vast wel kennen. Het wordt toegeschreven aan een van onze beroemdste Stadsgenoten, namelijk de schilder Jan Steen uit de zeventiende eeuw. Jans vader was koopman in graan en daarnaast ook brouwer. Diens brouwerij was op de Vliet nr. 13.  En hoewel de zoon vooral bekend is om zijn sfeervolle schilderijen van het gewone leven, hij was ook horeca-ondernemer, want de kunstmarkt leverde te weinig op. Eerst had hij een herberg in Delft en nadat hij naar Leiden was teruggekeerd, dreef hij daar vanaf 1672 een taveerne. Die heette niet toevallig ‘De Vrede’, want 1672 was een rampjaar: de Republiek werd aangevallen door Engeland, Frankrijk en delen van Duitsland…  Geen wonder dat op zijn schilderijen graag een goed glas gedronken wordt.

Voordat we het festival straks officieel gaan openen, willen we uiteraard eerst nog even ons dankwoord uitspreken naar onze sponsors, de stadsgehoorzaal en onze partners die dit schitterende evenement mogelijk maken.

 [:]